U bevindt zich hier:

Geloofsopbouw

Streuper&Streuper

Prikkels

Discussie

Zoeken naar:

Algemeen:

Startpagina

Leer ons bidden

Simon Streuper

Ben jij tevreden over jouw gebedsleven, Bert? Ik bepaald niet. Vroeger leerden we jullie: `Klokje klinkt, vogel zingt, iedereen op zijne wijs', en ook: `bidt en zingt, want geen ding gaat er zonder bidden goed'. Dat 'iedereen op zijne wijs' geldt niet alleen voor het zingen maar evengoed voor het bidden dat in het tweede couplet aan de orde is. Bidden doe je op een wijze die bij je past. Paulus schrijft, dat nu hij volwassen is, hij het kinderlijke achter zich heeft gelaten. Ik vraag me af of ik daarin volwassen ben geworden. Het ‘ieder op zijne wijs’ bidden, is geen vrijbrief om er een beetje vrijblijvend mee aan te rommelen! Bidden is de motor van je geloofsleven.
Eerlijk gezegd: ik heb een beetje hetzelfde probleem als dat kleine meisje dat bang was niet vaak genoeg te bidden toen ze hoorde dat Daniel het drie keer daags op vaste tijden deed. Tussen de vaste dagelijkse gebeden door 'bid' ik, maar zonder structuur. Hoe vaak, weer ik niet, maar wel zoveel dat ik 's avonds nog weinig concreets te danken of te belijden heb. En 's nachts wanneer de slaap mij een enkele keer niet te pakken kan krijgen, probeer ik wel eens de Heer te prijzen of voor jullie allemaal te bidden, of mijn vele zegeningen te tellen, maar even later betrap ik mij er dan op, dat ik in mijn 'Reiger' aan de helmstok zit, de
wind om mijn oren en in de zeilen, en een witte snor voor de boeg. Ook kan het voorkomen,
dat ik in het zeiljacht (dat jij nog altijd wilt kopen), Kaap Hoorn aan het ronden ben om daarna de Stille Oceaan op te zeilen. Ja, ik moet het erkennen: dromen onder het bidden gaat vaak beter dan het bidden zelf. Alleen wanneer de nood hoog is, heb ik geen aanmoediging nodig om te bidden. Dan gaat het vanzelf en kost het geen inspanning.
Eens was die nood werkelijk zo hoog gestegen. Niet slechts geestelijk, ook fysiek. A] mijn wijsheid was verslonden (Psl07:27).Toen riep ik tot de Heer en vroeg om een woord. Ik sloeg de Bijbel open. Mijn oog viel op Ps133. Ziet hoe goed en hoe lieflijk is het als broeders ook tezamen wonen, las ik. Diep teleurgesteld klapte ik meteen de Bijbel weer dicht en zei: `Mijn God, dat is nu precies mijn probleem! Alle lieflijkheid is onder sommige broeders spoor-loos verdwenen. Wat moet ik hiermee?' Ik opende mijn Bijbel opnieuw, zocht de Psalm weer op maar bleef steken bij Ps 132:2, Here, gedenk aan David, aan al zijn moeite.' Dat woord bracht mij bij de moeite van de Ware David, die zijn oog geen slaap gunde totdat Hij voor de Here een woning had gevonden. Een woning waarin God tot rust kon komen en ik ook. Toegegeven, dit is volgens sommigen geen normaal bijbelgebruik, maar het werkte wel, mijn eigen moeite verdween wel spoorslags als sneeuw voor de zon. God voelt Zich gelukkig met verplicht zich aan onze degelijke Bijbel-opvattingen te onderwerpen en past Zich probleemloos aan bij onze ‘ongeestelijke’ impulsieve acties.
Bij het 'downloaden’ van deze nachtelijke overdenkingen in mijn ontsteld gemoed (de slaap was een ogenblik afwezig) word ik mij vrolijk bewust dat mijn ontevredenheid over mijn gebedsleven deels gecompenseerd wordt door het volgende woord van de Heer: 'Simon, Simon (speciaal voor mij dus, maar ook voor jou en iedereen), zie, de Satan heeft dringend verlangd u te mogen ziften als de tarwe; Ik heb echter voor jou gebeden...dat jouw geloof niet zou ophouden, maar niet dat je leven zonder problemen zou zijn! (Grandioos toch!)
Ja, ook Petrus kon, net als ik, nog niet één uur met Jezus waken, maar Christus bidt dag en nacht wel voor ons! Maar dat mag natuurlijk geen reden zijn om niet te bidden: `Heer, leer ons bidden.' Het kan stukken beter!







Bert Streuper

Nee, ik ben niet tevreden met mijn gebedsleven. (Wie zou dat wel zijn?) Mijn bidden kan be-ter, intenser, frequenter. Wel is mijn kijk op het gebed de afgelopen twee jaren anders geworden. Mijn gebedsleven is daardoor ook veranderd. Er heeft een 'verschuiving' plaatsgevonden. Ik zal u er wat over vertellen.
Soms hoor je mensen zeggen: bidden is ademhalen, of afhankelijk zijn, of, zoals ik het zelf vaak heb gezegd, een uitdrukking van onze relatie met God. Dat is allemaal waar en erg belangrijk. Jarenlang heb ik deze dingen dan ook op mijn eigen wijze handen en voeten gegeven – met vallen en opstaan. Maar achteraf gezien had ik nogal een fatalistisch geloof. Zo van: Gods wil geschiedt uiteindelijk toch wel, mijn bidden kan daar niets aan afdoen of aan toevoegen. En ik berustte (te) gemakkelijk in de dingen zoals ze op mij afkwamen. Natuurlijk vertelde ik mijn wensen wel aan God en bad ik ook voor anderen, soms zelfs zeer intens. Maar bidden was meer contact hebben met God, waarbij bij mij ook een psychische ontlading plaatsvond. Maar ik verwachtte niet echt in concrete zaken dat God verder nog
iets met mijn gebed zou gaan doen. Althans, daar stond ik met zo bij stil, daar lag bij mij zelden de nadruk op. Sinds twee jaar ga ik regelmatig naar een bidgroep waar mensen strijden in hun gebeden. Daar is het gebed niet alleen maar een uiting van je afhankelijkheid en je band met de Allerhoogste, daar staan mensen op de bres voor anderen. Ze geloven niet alleen dat God hen hoort, maar dat God hen ook wil verhoren en zal verhoren. Nee, ze spannen God met voor hun karretje. Het heeft ook niets te maken met het `welvaartsevangelie'. Ze zoeken in hun gebeden naar de wil van de Heilige Geest. Ze bidden voor medegelovigen en niet-gelovigen, voor verbreiding van het evangelie, voor genezing, bevrijding, en dat de wil van God zal geschieden. Ook zegenen de mensen elkaar daar, met de overtuiging dat God dat ook zal gaan doen, op zijn manier en zijn tijd. Ze laten God God zijn. Maar ze blijven de hemel bestormen met hun gebeden! Volgens mij doen zij waar de Here jezus naar verlangt wanneer Hij tegen zijn discipelen – en over hun hoofden ook tegen ons! – zegt: Als de Zoon des mensen komt, zal Hij wel geloof vinden op aarde? Deze uitspraak deed de Here Jezus met het oog erop, dat zij altijd moesten bidden en niet verslappen (U18:1-8).
Pa, bidden, zoals deze bidgroep bidt, dat wil ik ook. En daar ben ik ook mee begonnen! Niet alleen in deze groep, maar ook `thuis'. Nee, ik ben nog niet erg tevreden over mijn gebedsleven. Ik moet erop letten er met krampachtig of wettisch in te worden, daar ben ik doorgaans best goed in. Wel heb ik discipline nodig (ben ik niet zo goed in)
om steeds weer in mijn gebed op de bres te staan voor mijn gezin, de straat waarin
ik woon, de stad, mijn collega's en natuurlijk, niet te vergeten, mijn ouders...

P.S. Over het `wegdromen' in de gebeden, dat ken ik ook!Van wie zou ik dat toch hebben...