U bevindt zich hier:

Geloofsopbouw

Streuper&Streuper

Prikkels

Discussie

Zoeken naar:

Algemeen:

Startpagina

Blij met mijn achtergrond

Bert Streuper

Pa, ik ben blij dat ik opgegroeid ben in de ‘vergadering’. Dankzij deze achtergrond - en mede dankzij de Bode - is mijn geloofsleven gevormd. Ik lees de Bode al zo’n vijfentwintig jaar en schrijf er ook al heel wat jaren voor. Sommige artikelen waren in enkele uren of nog minder door mij geschreven, met andere artikelen heb ik wekenlang geworsteld. Het is vaker dan een keer gebeurd dat ik een artikel wel drie of viermaal heb moeten veranderen, omdat de redactie er niet (helemaal) tevreden over was. De redactie was - en is - beslist niet snel tevreden. Het moet kwalitatief goed zijn. Het moet leerstellig kloppen. Wat geschreven wordt moet in overeenstemming zijn met de Bijbel. Niet te snel conclusies trekken uit een enkele tekst of passage, maar Schrift met Schrift vergelijken. En natuurlijk nauwkeurig lezen - niet maarzo op de klank afgaan van de tekst. Dankzij de ‘vergadering’ en de redactieleden van de Bode, weet ik dat de Bijbel zorgvuldig gelezen moet worden en welke regels ons daarbij kunnen helpen. Het gaat ten slotte om het Woord van God!

Maar, er zit een addertje onder het gras. Het Woord van God moet niet alleen secuur worden gelezen en uitgelegd, maar ook secuur worden nageleefd. Wat overigens geen enkel redactielid in twijfel zal trekken! Het Woord nauwkeurig lezen, is beslist geen garantie dat het ook even nauwkeurig wordt nageleefd. Het ene hoeft niets met het andere te maken te hebben.

Veronderstel dat ik hoofdpijn heb. De dokter schrijft mij pijnstillers voor. De apotheker raadt mij aan de bijsluiter goed te lezen. Elke dag lees ik een stukje uit de bijsluiter. Elke morgen - heel zorgvuldig. De betekenis van de onbekende uitdrukkingen en woorden zoek ik op in een medische encyclopedie. In allerlei medische naslagwerken lees ik over de werkzame stoffen van het geneesmiddel. Heel interessant. Ik raak erdoor geboeid en word helemaal vertrouwd met de tekst van de bijsluiter en het medicijn - hoewel ik er nog niets van heb ingenomen!

Ik kan mij maar niet aan de indruk onttrekken dat veel bijbellezers - ik sluit mijzelf niet uit – min of meer vertrouwd zijn met de Bijbel, maar het maar moeilijk vinden om de Bijbel eenvoudig tot ons hart te laten spreken en te praktiseren. We moeten niet alleen de Bijbel bestuderen, maar vooral de tekst gaan ‘innemen’. De vele verhalen niet alleen maar typologisch benaderen en er de diepere lagen van onderzoeken, maar onszelf vooral ook spiegelen in de verhalen en ons laten bemoedigen, inspireren en corrigeren. Onlangs las ik ergens de woorden: We moeten de Bijbel niet lezen als een notaris, maar als een erfgenaam.

HOORDERS EN DADERS

Simon Streuper

Jouw brief gelezen hebbend, Bert, bedenk ik dat een christen elke dag ruimschoots in de gelegenheid is rare schuivers te maken naar links of naar rechts. Aan alles wat ons maar enigszins kan boeien - zelfs aan serieuze Bijbelstudie - kleven ‘gevaren’. Ook in deze geestelijke activiteiten schuilen ze, omdat onze drijfveren met ons aan de haal kunnen gaan. Bij het bestuderen van de Bijbel en het toepassen van het geleerde, kom je listig verpakte verzoekingen tegen, die je met de wijsheid waarover Jakobus spreekt, moet kunnen ontmaskeren. De geschiedenis van hen onder wie ‘De Bode’ 150 jaren lang gemeen goed was, laat duidelijk zien dat die wijsheid in het algemeen maar magertjes is geweest en het ontmaskeren van de vele valkuilen veelal achterwege bleef. Dit was absoluut niet het gevolg van het ontbreken van Bijbelkennis, want die was indrukwekkend bij velen van hen. . Helaas kan onze ijver verworden tot na-ijver en concurrentiestrijd en dan zijn de rapen goed gaar! Achteraf bezien kun je zeggen: ‘ook geen wonder dat het mis ging, want zegt het Woord zelf niet dat kennis opgeblazen maakt? Dan kun je toch moeilijk iets anders verwachten!’ Dat desondanks er vandaag tóch sprake is van het 150 jarig bestaan van ‘De Bode’ – een unicum voor een dergelijk tijdschrift – is dus zonder meer, en op zijn minst een klein wondertje! In ieder geval geen verdienste van de eerste redactie en hun respectievelijke opvolgers, maar door de genade van God is deze mijlpaal bereikt. Laten we ons hierover verwonderen met een schaamrood gelaat, Bert!
Dezelfde Jakobus die ons de feilloze weg – die wij moeizaam vinden - naar de nodige wijsheid wijst, zegt dat God ons gebaard heeft ‘door het woord der waarheid’. Dat betekent in ieder geval dat van ons verwacht mag worden dat wat wij ‘voortbrengen’ in overeenstemming is met ‘het woord der waarheid’. Er mag geen afstand zijn tussen ons ‘horen’ naar dat woord en ‘doen’. Daarom moeten we snel zijn om te horen, traag om te spreken (en schrijven), traag tot toorn. Ook moeten we niet haantje de voorste willen zijn in het geven van onderwijs omdat we weten dat wanneer we anderen leren, wij daarom een des te strenger oordeel zullen ontvangen. Naast de waarschuwingen van Jakobus hebben we ook nog Petrus’ raad om dwaling te voorkomen door op te groeien in de genade en kennis van onze Heer en Heiland Jezus Christus. Dat is heel iets anders dan ijveren naar en groeien in ‘Bijbelkennis’. Petrus bedoelt hier het praktisch deel hebben aan de gevoelens en de gezindheid van onze Heer; het hebben van ‘de zin van Christus’; Hem zuiver aanvoelen; de gestalte van Christus ‘in ons’; Hem kennen en gelijkvormig worden. Niet óns, maar Zijn belang voor ogen hebben.

Mooi gezegd, Bert?? … maar zéggen en dóen zijn twee dingen…!